Voor een serie portretten ben ik op zoek naar mensen die een aantal jaren in het buitenland hebben gewoond en gewerkt en vervolgens weer in Nederland zijn gaan wonen en hier op zoek gingen naar werk.
Welke waarde heeft buitenlandervaring op de Nederlandse arbeidsmarkt? Een zoektochtje op internet leidt vooral naar informatie voor potentiële uitwisselingsstudenten en het belang van buitenlandervaring op het cv van hoogopgeleide starters op de arbeidsmarkt (in bepaalde branches).
Op een Vlaamse site (jobat.be) worden o.a. de volgende pluspunten van buitenlandervaring genoemd:
-open mindset
-uit je comfortzone durven stappen, ondernemend zijn
-flexibiliteit en zelfstandigheid
-betere ontwikkeling vaardigheden en attitude
-kunnen omgaan met cultuurverschillen
Best een mooi rijtje, toch? Maar gelden deze pluspunten alleen voor starters op de arbeidsmarkt of ook voor mensen die, zoals ik, ergens in de loop van hun werkende leven een aantal jaren in het buitenland werken en daarna terugkeren?
Gelukkig kom ik vaak mensen tegen die vinden dat buitenlandervaring - gecombineerd met een solide vakkennis - van waarde is. Ik krijg echter ook wel eens minder positieve reacties. Zo heb ik, vooral net na terugkeer, bij een aantal (werk)intermediairs meegemaakt dat mijn jaren in het buitenland als het ware niet meetelden. OK, dat komt op meerdere gebieden voor. Het is immers ook een heel gedoe om schadevrije jaren in het buitenland goedgekeurd te krijgen door een autoverzekeraar en er zijn nog wel meer voorbeelden te bedenken. We kunnen bijna heel Europa doorreizen zonder te merken dat er grenzen bestaan, maar wie (r)emigreert, merkt direct dat de landsgrenzen nog volop aanwezig zijn.
Maar goed, ik heb me dus verbaasd over sommige reacties. Alsof ik me zes jaar lang alleen maar bezig had gehouden met *sneeuwschuiven rond het huis. Toch heb ik geen seconde spijt gehad; niet van mijn jaren in Noorwegen en ook niet van mijn terugkeer. (R)emigreren is loslaten. Dat brengt onzekerheid met zich mee, maar ook vrijheid. Het maakt het makkelijker om bepaalde stappen te zetten, in mijn geval het gaan werken als zelfstandige.
Niet alleen omdat ik zelf een werkende teruggekeerde ben, maar ook vanuit mijn vak als loopbaancoach ben ik benieuwd hoe anderen dit ervaren (hebben); mensen die een periode in een ander land gewoond en gewerkt hebben en daarna terug zijn gegaan naar Nederland. Daar moeten er er toch aardig wat van rondlopen.
Wil jij jouw verhaal vertellen d.m.v. een portret op deze site? Neem dan contact met mij op via emmyvangraft(at)gmail.com of laat je contactgegevens achter in een berichtje hieronder. Ik zou het leuk vinden om mensen in uiteenlopende situaties te interviewen (soort werk, leeftijd, emigratieland, samenstelling huishouden, duur van het verblijf in het buitenland, etc.)
NB: reacties op het blog worden gescreend en zijn daarom niet direct zichtbaar.
Mijn werkstappen:
Voor vertrek: re-integratiecoach en loopbaancoach in loondienst
In Noorwegen (2007-2013): HRM adviseur in loondienst
Na terugkeer: zelfstandig arbeidsdeskundige, re-integratiecoach, loopbaancoach
Persoonlijke situatie:
Samenwonend (voor vertrek, in het buitenland en na terugkeer - met dezelfde partner)
Leeftijd bij vertrek: 38 - Leeftijd bij terugkomst: 44
*Bij het sneeuwschuiven had ik de volgende vaardigheden nodig:
-uithoudingsvermogen (want soms veel sneeuw)
-repetitieve werkzaamheden kunnen volhouden (idem)
-creatieve oplossingen bedenken (waar laat ik al die sneeuw?)
-planmatig werken (waar dump ik de eerste sneeuw zodat ik ook aan het einde de sneeuw nog kwijt kan?)
Posts tonen met het label Noorwegen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Noorwegen. Alle posts tonen
zaterdag 4 oktober 2014
dinsdag 26 november 2013
Inclusieve arbeidsmarkt - wat kunnen we leren van Noorwegen?
Het is de laatste tijd een hot item hier in Nederland, de inclusieve arbeidsmarkt. Hoe gaan we die realiseren? En is de participatiesamenleving waar nu naar gestreefd wordt, daarin een hulpmiddel of eerder een belemmering? “De burgers” moeten het samen doen, liefst zonder steun van de overheid. Worden we daar meer includerend van, of juist niet?
In Noorwegen, toch een beetje mijn tweede thuisland, staat het onderwerp “inclusieve arbeidsmarkt” al sinds 2001 op de politieke agenda. Je mag dus verwachten dat ze al het één en ander bereikt hebben. Temeer omdat in Noorwegen het collectieve gevoel een groot goed is en gelijk(waardig)heid een begrip dat er met de paplepel wordt ingegoten. Kortom: “met elkaar - voor elkaar” en ook nog eens met een stevig sociaal vangnet achter de hand. Als includering ergens zou moeten slagen, is het wel in Noorwegen.
Helaas, de werkelijkheid is anders. Onderzoeken wijzen keer op keer uit dat het nog niet zo erg is opgeschoten met het includeren van mensen met een “arbeidsbeperking”. Tja, dat woord helpt natuurlijk ook al niet....
Wat is nu het probleem? Er zijn best werkgevers die willen. Omdat ze hun steentje willen bijdragen aan de maatschappij of omdat ze gewoon vinden dat een zogeheten arbeidsbeperking in de praktijk helemaal geen beperking hoeft te zijn. Maar als puntje bij paaltje komt, blijkt het niet zo eenvoudig. Via de standaard wervingskanalen kunnen ze de mensen met een arbeidsbeperking niet vinden. En als ze ze wel vinden, wordt het opeens toch een beetje eng. Wat als het niet goed gaat? Dan toch maar liever kiezen voor het veilige, bekende?
Daar komen mijn vroegere collega’s uit de re-integratiebranche in beeld. Als zij kandidaten aandragen, blijken werkgevers eerder bereid mensen een kans te bieden. Omdat iemand in staat is over te dragen wat ze allemaal wél kunnen, omdat iemand de weg wijst in het woud van wetgeving en subsidie, omdat iemand werkgever en werknemer helpt te passen, meten en schaven tot er een optimale match is tussen werkinhoud en capaciteiten. Dit is een arbeidsintensief proces waarin van alle betrokkenen inzet wordt gevraagd: van de werkgever om met andere ogen naar de eigen organisatie te kijken en misschien niet koste wat het kost vast te houden aan strakke functieomschrijvingen en de overtuiging dat de mens zich moet aanpassen aan de functie en niet andersom; van de collega’s die op een andere manier moeten samenwerken; van de nieuwe medewerker die zijn plaats moet vinden in een onbekend systeem; van de re-integratieconsulent die al zijn kennis en vaardigheden uit de kast moet halen om dit proces te coördineren. En, last but not least, van de overheid, die een financiële bijdrage levert zodat noodzakelijke aanpassingen gedaan kunnen worden. Want de realiteit is dat dat meestal nodig is, of het nu gaat om hulpmiddelen, toegankelijkheid, opleiding of extra begeleiding. Ja, dat kost geld, maar het is een investering die zich terugverdient- zowel op individueel als op maatschappelijk niveau.
Wat we van Noorwegen kunnen leren, is dat een inclusieve arbeidsmarkt niet iets is wat je zomaar eventjes regelt. Het vraagt veel tijd, kennis en kunde. Het vraagt om inzet en participatie - van ons allemaal, de overheid incluis.
In Noorwegen, toch een beetje mijn tweede thuisland, staat het onderwerp “inclusieve arbeidsmarkt” al sinds 2001 op de politieke agenda. Je mag dus verwachten dat ze al het één en ander bereikt hebben. Temeer omdat in Noorwegen het collectieve gevoel een groot goed is en gelijk(waardig)heid een begrip dat er met de paplepel wordt ingegoten. Kortom: “met elkaar - voor elkaar” en ook nog eens met een stevig sociaal vangnet achter de hand. Als includering ergens zou moeten slagen, is het wel in Noorwegen.
Helaas, de werkelijkheid is anders. Onderzoeken wijzen keer op keer uit dat het nog niet zo erg is opgeschoten met het includeren van mensen met een “arbeidsbeperking”. Tja, dat woord helpt natuurlijk ook al niet....
Wat is nu het probleem? Er zijn best werkgevers die willen. Omdat ze hun steentje willen bijdragen aan de maatschappij of omdat ze gewoon vinden dat een zogeheten arbeidsbeperking in de praktijk helemaal geen beperking hoeft te zijn. Maar als puntje bij paaltje komt, blijkt het niet zo eenvoudig. Via de standaard wervingskanalen kunnen ze de mensen met een arbeidsbeperking niet vinden. En als ze ze wel vinden, wordt het opeens toch een beetje eng. Wat als het niet goed gaat? Dan toch maar liever kiezen voor het veilige, bekende?
Daar komen mijn vroegere collega’s uit de re-integratiebranche in beeld. Als zij kandidaten aandragen, blijken werkgevers eerder bereid mensen een kans te bieden. Omdat iemand in staat is over te dragen wat ze allemaal wél kunnen, omdat iemand de weg wijst in het woud van wetgeving en subsidie, omdat iemand werkgever en werknemer helpt te passen, meten en schaven tot er een optimale match is tussen werkinhoud en capaciteiten. Dit is een arbeidsintensief proces waarin van alle betrokkenen inzet wordt gevraagd: van de werkgever om met andere ogen naar de eigen organisatie te kijken en misschien niet koste wat het kost vast te houden aan strakke functieomschrijvingen en de overtuiging dat de mens zich moet aanpassen aan de functie en niet andersom; van de collega’s die op een andere manier moeten samenwerken; van de nieuwe medewerker die zijn plaats moet vinden in een onbekend systeem; van de re-integratieconsulent die al zijn kennis en vaardigheden uit de kast moet halen om dit proces te coördineren. En, last but not least, van de overheid, die een financiële bijdrage levert zodat noodzakelijke aanpassingen gedaan kunnen worden. Want de realiteit is dat dat meestal nodig is, of het nu gaat om hulpmiddelen, toegankelijkheid, opleiding of extra begeleiding. Ja, dat kost geld, maar het is een investering die zich terugverdient- zowel op individueel als op maatschappelijk niveau.
Wat we van Noorwegen kunnen leren, is dat een inclusieve arbeidsmarkt niet iets is wat je zomaar eventjes regelt. Het vraagt veel tijd, kennis en kunde. Het vraagt om inzet en participatie - van ons allemaal, de overheid incluis.
dinsdag 5 november 2013
Dresscode
De grootste cultuurverschillen zitten vaak in kleine dingen. Als je langere tijd in een ander land woont, gaan je gewoontes opvallen waar je aanvankelijk geen erg in had. Aan sommige daarvan wen je snel genoeg, andere verrassen je keer op keer.
Zo heeft het lang geduurd tot ik er aan gewend was dat Noren veelal casual gekleed naar sollicitatiegesprekken gaan. Ik heb het dan niet over de grote corporate bedrijven waar men altijd in pak loopt, dus de sollicitanten ook, maar over de gemiddelde Noor op sollicitatie bij een gemiddeld bedrijf. Niks extra optuigen, gewoon hupsakee vanaf je werkplek naar je sollicitatie en weer terug. Wel zo ontspannen eigenlijk.
Ook naar seminars en andere vakbijeenkomsten ga je gewoon zoals je bent. Toen ik hier in Nederland dan ook voor het eerst naar een wat groter seminar/netwerkbijeenkomst ging, kreeg ik een echte cultuurshock. Overal waar ik keek: pakken, pakken, pakken, bij voorkeur donkergrijs of donkerblauw of iets daartussenin. Hoera, we gaan netwerken, maar eerst creëren we even afstand. Verder zorgen we er voor dat we niet zo gemakkelijk van elkaar te onderscheiden zijn...
Vreemd eigenlijk, als je er over nadenkt. Vreemd ook dat me dat vroeger nooit zo opgevallen was.
Zijn Noren dan niet geïnteresseerd in kleding en uiterlijk? O jawel! Wacht maar tot ze een feestje hebben. Dan zijn de pakken, jurken, sieraden en mooie schoenen niet aan te slepen. En dan heb ik het niet alleen over bijzondere feesten zoals een huwelijk of bedrijfsjubileum, maar ook over gewoon een avondje eten met de afdeling net voor de zomervakantie. Of ik me weleens underdressed gevoeld heb? Zeker weten.
Eigenlijk hebben Nederland en Noorwegen bijna tegengestelde gewoontes als het om kleding gaat. Hier ben je op je werk netjes, en thuis ga je over op comfortabel. Voor de verjaardag van - pak 'm beet - je schoonzus wil je best iets leuks uit de kast trekken, maar je gaat niet eerst een dag winkelen en dan nog eens drie uur voor de spiegel staan voor je de deur uit gaat. In Noorwegen is het precies andersom. Zou dit iets zeggen over de Noren en over ons?
Zo heeft het lang geduurd tot ik er aan gewend was dat Noren veelal casual gekleed naar sollicitatiegesprekken gaan. Ik heb het dan niet over de grote corporate bedrijven waar men altijd in pak loopt, dus de sollicitanten ook, maar over de gemiddelde Noor op sollicitatie bij een gemiddeld bedrijf. Niks extra optuigen, gewoon hupsakee vanaf je werkplek naar je sollicitatie en weer terug. Wel zo ontspannen eigenlijk.
Ook naar seminars en andere vakbijeenkomsten ga je gewoon zoals je bent. Toen ik hier in Nederland dan ook voor het eerst naar een wat groter seminar/netwerkbijeenkomst ging, kreeg ik een echte cultuurshock. Overal waar ik keek: pakken, pakken, pakken, bij voorkeur donkergrijs of donkerblauw of iets daartussenin. Hoera, we gaan netwerken, maar eerst creëren we even afstand. Verder zorgen we er voor dat we niet zo gemakkelijk van elkaar te onderscheiden zijn...
Vreemd eigenlijk, als je er over nadenkt. Vreemd ook dat me dat vroeger nooit zo opgevallen was.
Zijn Noren dan niet geïnteresseerd in kleding en uiterlijk? O jawel! Wacht maar tot ze een feestje hebben. Dan zijn de pakken, jurken, sieraden en mooie schoenen niet aan te slepen. En dan heb ik het niet alleen over bijzondere feesten zoals een huwelijk of bedrijfsjubileum, maar ook over gewoon een avondje eten met de afdeling net voor de zomervakantie. Of ik me weleens underdressed gevoeld heb? Zeker weten.
Eigenlijk hebben Nederland en Noorwegen bijna tegengestelde gewoontes als het om kleding gaat. Hier ben je op je werk netjes, en thuis ga je over op comfortabel. Voor de verjaardag van - pak 'm beet - je schoonzus wil je best iets leuks uit de kast trekken, maar je gaat niet eerst een dag winkelen en dan nog eens drie uur voor de spiegel staan voor je de deur uit gaat. In Noorwegen is het precies andersom. Zou dit iets zeggen over de Noren en over ons?
zondag 14 april 2013
(R)Emigreren: Bepaalt 1 letter het verschil tussen stoer en mislukt?
Binnenkort komt er een einde aan zes jaar bloggen over het leven in Noorwegen. We gaan weer in Nederland wonen. Remigreren, hoe is dat eigenlijk? Over emigreren wordt een stuk meer geschreven dan over remigreren. Emigreren is spannend, stoer, een beetje exotisch ook. Remigreren is... ja, wat is het eigenlijk? Maakt die ene letter echt zo veel uit?
Een tijdje geleden kreeg op mijn blog over Noorwegen en het feit dat we besloten hadden weer in Nederland te gaan wonen een reactie van een andere Nedernoor. Ze schreef iets in de trant van "wij hebben het helaas ook niet gered". Toen ik dat las dacht ik twee dingen:
1. Jeetje, wat vervelend voor je
2. Blijkbaar ben ik in mijn blog niet echt duidelijk geweest, want het gevoel van "niet gered" is bij ons helemaal niet aan de orde.
Toch is het wel iets om even bij stil te staan. Een veel gehoorde klacht van terugkeerders is dat ze het gevoel hebben door hun omgeving als mislukkeling te worden beschouwd (ze hebben het immers "niet gered" - want welke gek keert er anders terug naar Nederland?). Vertrekkers, inclusief wijzelf een aantal jaren geleden, werken hier misschien onbewust aan mee. Het is zo makkelijk om te zeggen "Ach, het ergste wat er kan gebeuren, is dat we na een tijdje teruggaan naar Nederland." Maar is dat zo erg dan? En kan er echt niets ergers gebeuren? Nee, natuurlijk is dat niet erg, en natuurlijk kunnen er een hoop dingen gebeuren die een stuk vervelender zijn. Denk maar even na en vul in...
Hoe je een terugkeer ervaart, is voor een groot deel afhankelijk van de verwachtingen waarmee je destijds vertrokken bent. Zag je voor je dat je in je nieuwe land een "nieuw leven" zou opbouwen, dat je daar altijd zou blijven? Als ik terugdenk, zie ik dat mijn plannen en verwachtingen niet zo ver strekten. Ik wilde in een land wonen met veel ruimte en een mooie natuur. Wat dat betreft was Noorwegen een goede keuze. Letterlijk elke dag denk ik hier wel een keer "ah mooi". Als ik uit het raam kijk, aan het hardlopen ben, in de auto zit. Het is een prachtig land en de ruimte ga ik zeker missen.
Naast ruimte en natuur ging het vooral om de uitdaging: iets nieuws, iets anders, word ik de taal machtig, vind ik werk, hoe verloopt het contact met de Noren? Die behoefte aan uitdaging had vast ook op vele andere manieren bevredigd kunnen worden, maar het werd dus een periode in een ander land.
"Heb jij er spijt van dat we naar Noorwegen zijn gegaan?", vroeg ik laatst aan John. "Totaal niet", zei hij. Mooi, ik ook niet.
"Beschouw je het als een mislukking dat we nu weer naar Nederland gaan?" "Nee, hoezo?" - onbegrijpende blik - "Het is gewoon tijd om weer wat anders te gaan doen". En zo is het!
Het afgelopen halfjaar hebben we al veel geregeld voor onze verhuizing. Het was en is een hoop werk, dat zal ik niet ontkennen. Wie houdt van een rustig voortkabbelend leventje moet vooral niet remigreren. Maar die mensen emigreren waarschijnlijk ook niet, dus dat is dan geen probleem.
We krijgen veel praktische hulp van familie en vrienden in Nederland. En hier in Noorwegen? Mijn collega's leven mee. Ze vinden het reuze spannend, verhuizen naar een ander land...
Een tijdje geleden kreeg op mijn blog over Noorwegen en het feit dat we besloten hadden weer in Nederland te gaan wonen een reactie van een andere Nedernoor. Ze schreef iets in de trant van "wij hebben het helaas ook niet gered". Toen ik dat las dacht ik twee dingen:
1. Jeetje, wat vervelend voor je
2. Blijkbaar ben ik in mijn blog niet echt duidelijk geweest, want het gevoel van "niet gered" is bij ons helemaal niet aan de orde.
Toch is het wel iets om even bij stil te staan. Een veel gehoorde klacht van terugkeerders is dat ze het gevoel hebben door hun omgeving als mislukkeling te worden beschouwd (ze hebben het immers "niet gered" - want welke gek keert er anders terug naar Nederland?). Vertrekkers, inclusief wijzelf een aantal jaren geleden, werken hier misschien onbewust aan mee. Het is zo makkelijk om te zeggen "Ach, het ergste wat er kan gebeuren, is dat we na een tijdje teruggaan naar Nederland." Maar is dat zo erg dan? En kan er echt niets ergers gebeuren? Nee, natuurlijk is dat niet erg, en natuurlijk kunnen er een hoop dingen gebeuren die een stuk vervelender zijn. Denk maar even na en vul in...
Hoe je een terugkeer ervaart, is voor een groot deel afhankelijk van de verwachtingen waarmee je destijds vertrokken bent. Zag je voor je dat je in je nieuwe land een "nieuw leven" zou opbouwen, dat je daar altijd zou blijven? Als ik terugdenk, zie ik dat mijn plannen en verwachtingen niet zo ver strekten. Ik wilde in een land wonen met veel ruimte en een mooie natuur. Wat dat betreft was Noorwegen een goede keuze. Letterlijk elke dag denk ik hier wel een keer "ah mooi". Als ik uit het raam kijk, aan het hardlopen ben, in de auto zit. Het is een prachtig land en de ruimte ga ik zeker missen.
Naast ruimte en natuur ging het vooral om de uitdaging: iets nieuws, iets anders, word ik de taal machtig, vind ik werk, hoe verloopt het contact met de Noren? Die behoefte aan uitdaging had vast ook op vele andere manieren bevredigd kunnen worden, maar het werd dus een periode in een ander land.
"Heb jij er spijt van dat we naar Noorwegen zijn gegaan?", vroeg ik laatst aan John. "Totaal niet", zei hij. Mooi, ik ook niet.
"Beschouw je het als een mislukking dat we nu weer naar Nederland gaan?" "Nee, hoezo?" - onbegrijpende blik - "Het is gewoon tijd om weer wat anders te gaan doen". En zo is het!
Het afgelopen halfjaar hebben we al veel geregeld voor onze verhuizing. Het was en is een hoop werk, dat zal ik niet ontkennen. Wie houdt van een rustig voortkabbelend leventje moet vooral niet remigreren. Maar die mensen emigreren waarschijnlijk ook niet, dus dat is dan geen probleem.
We krijgen veel praktische hulp van familie en vrienden in Nederland. En hier in Noorwegen? Mijn collega's leven mee. Ze vinden het reuze spannend, verhuizen naar een ander land...
Abonneren op:
Posts (Atom)


